Vioolsleutel en Bassleutel, weet jij wat dat zijn?

Basis harples 4
Basis harples 4 – Harp spelen met de wijsvinger
20 juni 2019
Basis harples 5
Basis harples 5 – Harpspelen met 2 vingers
3 juli 2019
vioolsleutel en bassleutel

Heb jij wel eens gehoord van een Vioolsleutel en Bassleutel?

Wanneer je harp wilt gaan leren spelen en je wilt daar een boek met muzieknoten bij gaan gebruiken, dan zul je ook noten moeten gaan leren lezen.

De verzameling van muzieknoten die in zo’n boek staan noemen we bladmuziek.
En als je bladmuziek kunt lezen kun je zien wat je moet spelen op je harp.

Gewoon lezen en schrijven doe je met letters en woorden.
Muziek lezen doe je met noten en rusten.

 

Het notenschrift

De noten en rusten staan op een notenbalk. Dit zijn 5 lijnen die boven elkaar staan.
Allemaal precies op dezelfde afstand van elkaar.
En vooraan die notenbalk staan de vioolsleutel en bassleutel, dit noemen we de muzieksleutels.

 

De Vioolsleutel en Bassleutel

De viool- en bassleutel zijn 2 mooie figuren die aangeven met welke hand je de noten die erachter staan moet gaan spelen.
Harp spelen doe je namelijk met 2 handen en voor iedere hand hebben we een andere muzieksleutel.

 

De Vioolsleutel

De rechterhand speelt op de harp de hoge of wel de bovenste snaren. Daar gebruiken we de vioolsleutel voor.

 

vioolsleutel en bassleutel

 

Op de afbeelding zie je de notenbalk met de vioolsleutel staan.
De vioolsleutel heeft ook nog een tweede naam en dat is de: G – sleutel.

Als je de vioolsleutel zelf zou gaan tekenen dan begin je het beste op de plaats waar de pijl naartoe wijst. Daar vandaan ga je een rondje tekenen dat tussen de onderste (eerste) lijn en de derde lijn ligt. Hierdoor ontstaat er een rondje door de tweede lijn.

Zoals ik net al zei heeft de vioolsleutel als tweede naam de G – sleutel. Als jij goed kunt onthouden dat deze muzieksleutel de vioolsleutel of G – sleutel heet dan is het onthouden van je eerste notennaam voor de rechterhand niet meer moeilijk.

Want de noot die je op de afbeelding ziet staan en door de tweede lijn van onderen ligt heet de G, net als de G-sleutel.

 

De Bassleutel

De linkerhand speelt op de harp de lage of wel de onderste snaren. Daar gebruiken we de bassleutel voor.

 

vioolsleutel en bassleutel

Op de afbeelding zie je de notenbalk met de bassleutel staan.
De bassleutel heeft ook nog een tweede naam en dat is de: F – sleutel.

Als je de bassleutel zelf zou gaan tekenen dan begin je het beste op de plaats waar de pijl naartoe wijst. Dus met een rondje door de tweede lijn van boven.
Daar vandaan maak je de draaiing tegen de bovenste lijn aan en dan naar beneden. Vergeet ook niet de 2 puntjes te tekenen want deze horen echt bij de bassleutel of F – sleutel.
Kijk goed naar de plek van de 2 puntjes, precies tussen de bovenste lijnen in en niet ergens anders.

Als je zelf de muzieksleutels wilt gaan tekenen
kun je hier een vel met notenbalken downloaden.

 

Zoals ik net al zei heeft de bassleutel als tweede naam de F – sleutel. Als jij goed kunt onthouden dat deze muzieksleutel de bassleutel of F – sleutel heet dan is het onthouden van je eerste notennaam voor de linkerhand ook niet meer moeilijk.

Want de noot die je op de afbeelding ziet staan en door de tweede lijn van boven ligt heet de F, net als de F-sleutel.

 

Beide sleutels samen

Zoals ik daarnet al verteld heb gebruik je bij het harp spelen beide handen en dus ook beide muzieksleutels.
Maar hoe ziet dat er dan precies uit, vraag je je nu misschien af. Hoe werkt dat in een boek vol met bladmuziek en hoe kun je dan precies zien met welke hand je moet spelen en weet je dan ook wanneer je met beide handen tegelijk moet spelen?

Op de afbeelding hierboven zie je zowel de vioolsleutel of G-sleutel en de bassleutel of F-sleutel staan.
Ze staan boven elkaar en de 2 notenbalken zijn met een accolade aan elkaar verbonden. Hieraan kun je zien dat deze 2 notenbalken bij elkaar horen.

De viool- of G-sleutel staat altijd bovenaan, deze gebruik je voor je rechterhand waar je de hoge snaren mee gaat spelen. Dus goed onthouden: Bovenaan is voor Hoog.
De bas- of F-sleutel staat onderop, deze gebruik je voor je linkerhand waar je de lage snaren mee gaat spelen. Onderop is voor laag en links.

 

Tip voor het onthouden van de namen van de muzieksleutels

Tot slot een trucje om de namen van de 2 muzieksleutels goed te kunnen onthouden.

De Vioolsleutel:  Een viool is een strijkinstrument dat je tussen je schouder en je kin vasthoudt. Dus dat is best wel hoog toch? Daardoor kun je onthouden dat de vioolsleutel voor de hoge noten bedoeld is, dus voor je rechterhand.

De Bassleutel:  Een bas is ook een strijkinstrument maar dit staat op de grond en geeft een lage klank. Dus is de bassleutel voor de lage tonen bedoeld, ofwel je linkerhand.

 

Wanneer je na het lezen van dit artikel denkt dit was een prettige en duidelijke uitleg, ik zou nu ook graag de muzieknoten willen leren lezen dan kun je dat op een leuke manier leren met de Online Cursus “Noten leren lezen”. Klik op de afbeelding hieronder en start met 5 minuten met je eerste les.

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt geanonimiseerde analytische cookies. Mag ik ook mijn marketing cookies in je browser opslaan om de website en mijn aanbod nog beter te maken? Klik dan op "Ja, hoor" of "Nee, sorry". Meer over de cookies kun je lezen in mijn  Privacyverklaring.